Slepen en loslaten maakt het mogelijk om bewerkingen uit te voeren met een object als er meer dan ‚‚n map bij betrokken is. Dit is een snelle manier om objecten te kopi‰ren, te verplaatsen of om reflecties te maken.

In een enkele map inhoud kunt u objecten slepen en loslaten om ze te schikken of een andere positie te geven.

Doe het volgende:

  1. Plaats de muisaanwijzer op een object.

  2. Druk op muistoets 2 en houdt deze ingedrukt.

  3. Beweeg de muis, met muistoets 2 ingedrukt, naar het doel van de bewerking. Het object beweegt over het scherm met de muisaanwijzer mee.


    Dit wordt het slepen van een object genoemd.

  4. Als de muisaanwijzer op het doel staat, laat dan de muistoets 2 los. Dit wordt het loslaten van een object genoemd. De gewenste bewerking wordt dan uitgevoerd.
Afhankelijk van de mappen die er bij betrokken zijn, als u niet een andere toets indrukt terwijl u deze bewerking uitvoert, zal een standaard bewerking worden uitgevoerd. Om kopi‰ren, verplaatsen of het maken van een reflectie uit te voeren, houdt u de Shift of de Ctrl toets of beide ingedrukt. Zie:
"Kopi‰ren, verplaatsen en reflecties" voor details.

Als verschillende objecten zijn geselecteerd, zie Selecteren, en u begint met ‚‚n ervan te slepen, wordt de bewerking met alle geselecteerde objecten tegelijk uitgevoerd.

Kijk voor meer informatie in de onderstaande onderwerpen: