DIR
commando achter een
Opdrachtaanwijzing.
In veel gevallen is de echte naam gelijk aan de naam van het object, (zoals getoond op de "Pictogram" pagina). Echter, bestandssysteem namen hebben bepaalde beperkingen.
Voor namen van objecten is de enige beperking dat zij niet langer dan
256 karakters kunnen zijn en dat het backslash (\) karakter verboden is.
Daar tegenover staat dat, afhankelijk van het bestandssysteem van het object, voor de echte naam van het object de volgende beperkingen gelden:
< > | + = : ; , " / [ ]
Als toevoeging, het FAT bestandssysteem bewaart geen hoofdletters.
< > | : " /
\) in ieder
bestandssysteem ongeldig omdat het in &os2; als
pad
scheidingsteken wordt gebruikt.
Als de naam van het bestandssysteem object zich aan deze beperking houdt,
is de echte naam gelijk aan de 'naam'.
Echter, indien niet, dan verandert, om aan deze beperkingen te voldoen, de WPS de naam
door hem af te korten tot de toegestane bestandsnaam lengte en de illegale karakters te
vervangen door uitroeptekens (!).
De originele naam wordt dan met het object opgeslagen in de .LONGNAME, zie:
Uitgebreide kenmerken.
In dat geval wijkt de "echte naam" die wordt getoond met het DIR commando,
vanaf de &os2; opdrachtregel, af van de naam die wordt getoond in de WPS map.
Voorbeelden: