Nadat u een object sneltoets gedefinieerd heeft kunt u deze sneltoets altijd indrukken om het object in zijn standaard weergave te openen (alsof u op het pictogram dubbelgeklikt heeft). Dit werkt voor alle objecten: mappen, bestanden, programma objecten, instellingen objecten, enzovoort.
Opmerking: Verwar object sneltoetsen niet met map sneltoetsen, zoals getoond in het "Workplace Shell" object. Object sneltoetsen worden gebruikt om objecten te openen met een toetsen definitie die overal werkt, terwijl map sneltoetsen afkortingen zijn voor bepaalde map opdrachten en alleen werken in mappen.
Om een object sneltoets te defini‰ren gaat u in het invoerveld aan de onderzijde van
de pagina staan en drukt u simpelweg de toetsencombinatie in die u wilt gebruiken als de object
sneltoets (druk bijvoorbeeld Ctrl+Alt+C in). Het invoerveld zal dan
deze toetsen combinatie laten zien.
Druk dan op de "Instellen" knop om deze sneltoets te registreren bij dit object.
Om een bestaande object sneltoets te verwijderen, dient u op de "Verwijderen" knop te drukken.
Opmerkingen: