U kunt uw eigen Local Area Network (LAN) opzetten, om bijvoorbeeld uw laptop te verbinden met uw desktop computer. In tegenstelling tot client/server omgevingen, zoals die typisch in bedrijfsnetwerken gebruikt worden, wordt hier veelal naar gerefereerd als "peer netwerken" omdat echt elke computer kan optreden ofwel als server ofwel als client of beide.

&os2; komt met de "Bestand en print client", die elk systeem uitrust met enige server functionaliteit, bvb het delen van hulpbronnen.

Om thuis een LAN op te bouwen, dient u het volgende te doen:

  1. Elke computer die onderdeel van het netwerk moet worden, dient een network interface card (NIC) te hebben, een stuk apparatuur dat u de mogelijkheid biedt om verschillende computers met elkaar te verbinden.

  2. Als u slechts twee computers met netwerk kaarten heeft, dan kunt u die rechtstreeks met elkaar verbinden. Als u meer dan twee computers heeft, dan heeft u aanvullende apparatuur nodig zoals hubs of switches.

  3. Alle computers in het LAN dienen hetzelfde netwerkprotocol te ondersteunen. In de meeste gevallen is &link_netbios; de beste keuze voor LAN's.

  4. De computers die verondersteld worden hulpbronnen te delen (bestanden en printers) dienen de peerdiensten te hebben draaien die deze exporteren naar het LAN.