Vervangingsvariabelen worden opgegeven van %0 t/m %9. Als deze variabelen worden aangetroffen in een batch of opdracht bestand, vervangt de opdrachtprocessor ze, in volgorde, met de argumenten die aan dat bestand waren meegegeven.

&os2; leest het procent teken (%) als een opdracht i.p.v. een normaal invoer karakter. Als u van plan bent het procent teken te gebruiken als een invoer karakter, moet u het tweemaal opgeven (b.v. als in ABC%%.IN).

Als u meer dan negen karakters nodig heeft. kunt U de SHIFT opdracht gebruiken.