De "Inschakelen" optie zal het "Positioneer op raster" menu onderdeel toevoegen aan het &popmenu; van elke map. Dit heeft alleen betrekking op OPEN mappen. Deze instelling kan ook genegeerd worden op de "Overzicht" pagina van elke map zijn instellingen notitieblok.
Let op dat zelfs wanneer u het "Positioneer op raster" menu onderdeel uitgeschakeld heeft, u er nog steeds een sneltoets voor kunt configureren op de "Sneltoetsen" pagina in het "Workplace Shell" object.
De andere vier numerieke instellingen bepalen het raster waarop de objecten gepositioneerd zullen worden als u op "Positioneer op raster" drukt.
Alle nummers vertegenwoordigen puntjes op het scherm.
Het "Basis" getal specificeert de eerste raster lijn die gebruikt moet worden. De X co”rdinaat wordt geteld vanaf de linkerkant van het map paneel, de Y co”rdinaat vanaf de onderkant. Let op dat als de map schuifbalken heeft, &xwp; nog steeds zal tellen vanaf de linker onderhoek van het map paneel, zelfs als dat momenteel niet zichtbaar is.
De "Spati‰ring" co”rdinaten specificeren de afstand tussen de volgende rasterlijnen, respectievelijk in X en Y richting (naar rechts en naar boven).
Voorbeeld: Met X raster basis = "10" en X raster spati‰ring = "50", zullen de verticale rasterlijnen komen op 10, 60, 100, 160, etc. punten.
Druk op "Ongedaan maken" om de instellingen te herstellen naar die welke in gebruik waren voordat u deze notitieblok pagina opende.
Druk op "Standaard" om de instellingen te herstellen naar die
welke in gebruik waren bij de installatie.